C.B.O. Zwartewaterland

107.3 in de ether, 104.1 op de kabel, via het Internet en het Meentenet

Oplossing Miezmoor 580, 28 december 2011

OPLOSSING:
Zijt niet bezorgd voor uw leven.
Mattheüs 6 : 25 midden.

Vraag 1: een woord uit regel 1.
Psalm 55:8
Neen, gij, gij zijt het, dien ik eerde,
Dien ik, gelijk mij zelf, waardeerde;
Met wien 'k gemeenschap placht te hand'len,
Mijn leidsman, met mij eensgezind,
Met wien ik raadpleegd', als mijn vrind,
En samen naar Gods huis mocht wand'len.

Vraag 2: een woord uit regel 3.
Psalm 5:5
Wie zinloos, zonder 't overwegen
Wat hem betaamt, tot U durft gaan,
Zal voor Uw aanschijn niet bestaan.
Gij haat, en staat hun billijk tegen,
Die onrecht plegen.

Vraag 3: een woord uit regel 1.
Psalm 78:12
Daar God, voor hen bezorgd, in hunne noden
De wolken zelfs van boven had geboden,
De hemeldeur ontsloten, mild in 't zeeg'nen,
En 't manna doen rondom hun tenten reeg'nen;
Opdat Zijn volk, ten blijk van Zijne trouw,
Dit hemelkoorn op reis genieten zou.

Vraag 4: een woord uit regel 6.
Psalm 119:15
Weer snood bedrog, o God, van mijn gemoed;
Laat Uw genƒ mij Uwe wetten leren;
Ik kies den weg der waarheid voor mijn voet,
Om mij van 't pad der zonden af te keren;
Uw rechten, die zo heilig zijn en goed,
Steld' ik mij voor; die wil ik need'rig eren.

Vraag 5: een woord uit regel 7.
Psalm 145:5
Uw heerschappij verduurt zelfs d' eeuwigheid.
Uw koninkrijk is eind'loos uitgebreid.
Gij ondersteunt hem, die voor 't onheil zwicht;
Wie nederstort, wordt door U opgericht.
't Ziet al op U; 't blijft alles op U wachten;
Gij sterkt door spijs, te rechter tijd, hun krachten.
G' ontsluit Uw hand, ontfermend en weldadig,
Opdat Uw gunst, al wat er leeft, verzadig'.

Vraag 6: een woord uit regel 6.
Psalm 10:8
Fnuik Gij, o HEER', der goddelozen kracht;
Verbreek hun arm, dat U de boze ducht'!
Zie neer in toorn op dit ontaard geslacht,
Opdat het nooit Uw streng gericht ontvlucht',
Maar ete van zijn werk de bitt're vrucht.
De HEER' zal toch als Koning eeuwig leven;
Het heidendom is uit Zijn land verdreven.